|
Vissen
"En weet je wat ik niet zou willen missen, dat is vissen" zong Gerard Cox in een bekend Nederlands liedje.
De vissen en het vissen hebben in mijn leven een belangrijke rol gespeeld. Het vissen werd mij op jonge leeftijd met de paplepel ingegeven. Met mijn vader, vrienden en familie hebben we ontelbare uren aan de waterkant doorgebracht. In eerste instantie was dat vissen niet zozeer een noodzaak. De visvangst op zich was echter menig keer een aanvulling op het menu thuis. Gek waren we op die hardgebakken Voorntjes,
Bleitjes,
Baarsjes, Karper,
Snoek, Snoekbaars
en moten Aal of Paling. Dat bakken gebeurde na thuiskomst en het schoonmaken van de buit buiten onder een afdakje op een driepits oliestel. Ingezouten lagen de visjes te pruttelen in de margarine. De familie wachtend tot de eerste exemplaren goed doorbakken op een bord geserveerd werden. Mijn opa Evert kon er niet van af blijven. Op een keer hadden we ruim 80 Baarzen
en Snoeken gevangen. Ze schoongemaakt en gebakken. In schalen werden de hardgebakken stukken in de kelder gezet. Binnen een week had hij ze allemaal opgepeuzeld. De graten staken zowat uit zijn keel. Dat kan ook wel zo geleken hebben, omdat hij zich een week lang geen tijd gunde om zich te scheren. Mijn moeder Johanna vond dat allemaal maar niks. Ze walgde van vis, zei ze maar steeds. Ze kon geen stukje door de keel krijgen. Tot we haar op een keer zover kregen een stukje hardgebakken Paling te eten.
Eerst heel voorzichtig werd het stukje geproefd. Kennelijk beviel het haar toch. Zelfs zo, dat ze uiteindelijk het hele pannetje met Paling in haar eentje heeft leeggegeten. De appel viel kennelijk toch niet al te ver van de boom. Mijn moeder Johanna was een dochter van opa Evert. Allebei zijn ze inmiddels overleden. Dat geldt ook voor mijn vader Jan. Als het even kon, was het trouwens vissen geblazen. Voor dag en dauw nog voor het opkomen van de zon werd de gang richting het viswater gezet. Als je dan was geīnstalleerd aan het viswater, kon je haast niet wachten op de eerste aanbeet. Veel en groot vangen was het parool. Veel heb ik dus gevist in mijn leven en ik moet zeggen ik heb er toen zeker van genoten. Later als je ouder wordt, ga je meer over de dingen nadenken. Als de noodzaak tot het vangen van vis om zelf te eten niet meer aanwezig is, rest allen het oeroude jachtinstinct. Ieder dier en ook de mens heeft dat wel een beetje in zich. Een kat zal zich met graagte storten op een toevallige muis. Een hond kan niet van een konijn afblijven. De voorbeelden zijn er genoeg. Een mens heeft dat ook een beetje. De een wat minder dan de ander. Als je ouder wordt, dan wordt het latente jachtinstinct weggedreven door verstandelijke beredenering. Het vissen is daardoor bij mij en vele anderen in een ander daglicht komen te staan. Als we niet vissen uit consumptieve noodzaak, dan is de schade, die we andere levende wezens door ons handelen aanbrengen, vaak onevenredig groot. Het vissen op zich verdwijnt dan uit je leven. Soms is de instictieve drang echter te groot en besluit je toch weer een hengeltje uit te gooien. Dan echter geniet je meer van de natuur om je heen. Ik zelf geef dan de voorkeur aan het vissen in de polder. Weg van het geraas van het dagelijkse leven. Weg even uit de sleur. Een tijdje stil genieten van alles om je heen is dan bijzonder aangenaam. De roepende Kievitten, de loeiende Koeien, kwetterende Eenden, kwakende Kikkers, een Fuut in de verte plompend tussen het groen, een wadende Reiger, een lustig fluitende Rietzanger en een tokkend Waterhoentje van dichtbij zingen het lied van de natuur. Het lijkt soms wel een levend schilderij. Je kunt er tomeloos van genieten.
Bij een dagje aan de waterkant valt veel te beleven. De omgeving bepaalt de sfeer.
In de verte loeien de koeien, zich geen weet hebbend van ons rusteloos bestaan.
Om mij heen scharrelen een Waterhoentje en een Wilde Eend, die gretig wacht op wat aanvullend voer.
Iets verderop staat een Reiger geduldig te wachten op een prooi. Zijn kostje lijkt gekocht, want in de buurt huizen wat Kikkers.
Op een veldje iets verderop strijkt een groepje Kievitten neer, een gezellig fluitende Rietzanger wordt er enigszins door verstoord.
In de verte roept een Koekoek wachtend op een gemaal.
Het is het Epos van de natuur.
Wilt u meer weten over het vissen en de vissen ga dan naar Sportvissen.pagina.nl of zoek verder op het internet
|