|
Molens
In en dichtbij de stad Utrecht bevinden zich vier
molens. Met name de molen de Ster bij de Leidseweg in Utrecht heeft in het
verleden en ook nu nog mijn warme aandacht gehad. Voorts is de molen aan de Adelaarstraat in Utrecht van belang om te noemen.
De Ster Utrecht De Adelaar Utrecht
De een nog mooier dan de ander. Daarmee hebben ze een raakvlak met de Dahlia. Allebei komen ze voort uit het verleden. Allebei laten ze met recht zien, dat ze heel wat te bieden hebben.
Vereniging tot behoud van de Hollandsche molen Op 15 mei 1923 werd in Amsterdam 'De Hollandsche Molen, vereniging tot behoud van molens in Nederland' opgericht. Aanvankelijk richt de vereniging zich op het behoud van molens in hun economische functie. Na de Tweede Wereldoorlog wordt echter duidelijk dat de rol van de molen als productiemiddel is uitgespeeld.
De economische argumenten die De Hollandsche Molen
gebruikte, maken plaats voor algemene landschappelijke en historische
overwegingen. Zij maakt zich dan ook sterk voor het instellen van een opleiding tot vrijwillig molenaar. De betekenis van de vereniging blijft echter onverminderd groot en honderden molens zijn door inspanningen van de vereniging bewaard gebleven en in veel gevallen tevens weer in beweging gezet. Molens zijn het visitekaartje van ons land en verdienen de hulp en sympathie van de Nederlandse bevolking.
Deze vereniging heeft op het internet een uitgebreide website, die het onderwerp molen breedvoerig aanschouwelijk maakt.
De geschiedenis van de molen in de wereld Het begin van windenergie Voor het malen van graan is wel duidelijk op papier gezet hoe dit gedaan werd. Het was eigenlijk heel simpel maar voor die tijd een grote uitvinding. Een grote steen zat vast aan een as en deze as werd door middel van een tandwieloverbrenging aangedreven door de windmolen. Deze windmolen was verticaal gepositioneerd. Verticale windmolens werden ook gebruikt in China. China beweert zelfs, dat dit de geboorte plaats is geweest van de windmolen meer als 2000 jaar gelden. Helaas is dit niet te achterhalen. De eerste documentatie van een Chinese windmolen werd echter pas in 1219 gevonden, het zal dus altijd een raadsel blijven, waar de windmolen echt vandaan is gekomen. De eerste windmolens, die in Europa zijn aangetroffen waren de zogenaamde horizontale windmolens, dit wil zeggen dat de as van de wieken horizontaal lag t.o.v de molen. Waarom hiervoor gekozen was is niet helemaal duidelijk, wel bestaat het vermoeden dat dit gedaan is omdat de as van een waterrad ook horizontaal lag t.o.v de molen, dus waarschijnlijk hebben ze dus ook gekozen voor deze configuratie bij de windmolen. Helemaal zeker weten we het dus niet. Een andere reden om te kiezen voor een horizontale as configuratie kan zijn dat een horizontale as aangedreven molen meer kracht kan zetten dan een verticaal aangedreven molen. Ontwikkelingen van de
Nederlanders
Wel als eerste hebben ze verdiepingen aangebracht in de molen zodat er verschillende lagen ontstonden. Deze lagen werden gebruikt voor het malen van het graan, schil verwijderen, opslag van graan en onderin was een compleet leefgedeelte aanwezig. Ook werd het mogelijk gemaakt door de Nederlanders om de kop van de molen te kunnen draaien, de molen kon dus eigenlijk elke keer met zijn neus in de wind gezet worden en andersom. Een andere verbetering was dat de molen op verschillende snelheden kon draaien, dit maakte het mogelijk om bij verschillende windsnelheden toch nog te kunnen werken. De molens van die tijd waren eigenlijk de elektrische motors van deze tijd.
De molens werden vooral gebruikt voor de volgende dingen:
In de 19e eeuw nam de vraag naar deze windmolens af. De stoommachine deed zijn intrede en nam het werk van de windmolen over. Was er dan helemaal geen toekomst voor de molen meer door deze ontwikkeling? Toch wel alleen dit gebeurde ver weg in het westen. In Amerika werd de windmolen al meer dan 100 jaar gebruikt voor het verplaatsen van water en het omhoog pompen van water. Dit werd gedaan door een relatief kleine windmolen met een horizontale as (veel goedkoper en makkelijker te gebruiken als de stoommachine). Het eerste model was de Halladay in 1854. Deze molen had een peddelachtig ronddraaiend rad wat met een staart in de wind werd gehouden. Met de horizontaal/verticaal omzetter werd het mogelijk om water uit de grond omhoog te pompen. Ook hadden ze goed na gedacht over de variatie van windsnelheden. Als het harder ging waaien dan klapten de peddels geleidelijk weg uit de wind. Tussen 1850 en 1970 werden meer dan 6 miljoen van dit soort molens geïnstalleerd alleen al in Amerika. Laat in de 19e eeuw werden deze molens voor het eerst gebruikt voor het opwekken van elektriciteit. (het begin van de windmolen zoals we hem nu kennen) Vanaf 1900 werd het belangrijkste doel van de windmolen het opwekken van elektriciteit. Hoe ging dit eigenlijk in zijn werk? De eerste molen die werd gebouwd om elektriciteit op te wekken was de "Picket-fence" (1888) met een rotor spanwijdte van 17 meter. Deze molen had een overdracht van 1:50 de snelheid van de molen was ongeveer 500RPM. De opbrengt van deze molen was ongeveer 12 kilowatt. In 1891 ontwikkelde Dane Poul La Cour een windmachine die werkte op het principe van een rotor die bestond uit 4 bladen. (de Hollandse molen zoals we hem kennen) De molen had een opbrengst van ongeveer 25 kilowatt, deze molen kwam vooral veel voor in Denemarken. Rond 1920 waren er 2 verschillende type windmolens die goed dienst deden als windmolen. Dit waren de met zeil aangedreven windmolens en de windmolens met wieken. In 1930 kwamen er windmolens op de markt van 1 tot 3 Kilowatt die goed dienst deden in het mid-westen van Amerika. Rond 1940/1950 kwam er steeds meer vraag naar elektrische energie in het boeren leven, vooral op de plaatsen waar verder niet veel infrastructuur aanwezig was. In die tijd had ook bijna elke boer vooral in Amerika zijn eigen windmolen om voor de benodigde energie te zorgen, of gewoon simpelweg voor het omhoog pompen van water e.d. Begin jaren 50 kwamen er ook steeds meer windmolens voor het opwekken van elektriciteit voor in delen van Europa, Afrika en Australië.
Massa opwekking van energie m.b.v de wind Er werden verschillende experimenten gedaan met deze windmolen en in theorie was het dus mogelijk om grote hoeveelheden energie op te wekken met windmolens alleen in de praktijk bleek dit een stukje anders te liggen. De grootste windmolen die ooit werd gebouwd was de Smith-Putnam, deze windmolen kon 1.25 megawatt aan energie opwekken. Helaas liep dit project niet zo goed als werd gedacht. Na een paar 100 uur energie opwekken brak een van de wieken af als gevolg van metaalmoeheid. Met dit voorval kam dus duidelijk naar voren dat er daadwerkelijk grenzen zaten aan het opwekken van energie d.m.v windmolens.
Europese vooruitgangen op het gebied van windenergie
In Duitsland werd ook onderzoek gedaan naar windenergie, professor Ulrich Hutter heeft een paar windmolens uitgevonden die voor die tijd super modern waren. De rotorbladen waren namelijk van fiberglas/plastic gemaakt. Er werd een levensduur van 4000 uur behaald totdat in 1968 een eind kwam aan de proeven met deze fiberglas wieken.
Deze teksten komen grotendeels van de website van Gloeilamp tot Microchip
Tot slot nog een tweetal foto's van twee molens in Oud Zuilen dicht bij de stad Utrecht.
Watermolen polder Westbroek Wipmolen polder Buitenweg Oud Zuilen Oud Zuilen
Voor de echte liefhebber, en wie is dat niet?, hieronder nog wat foto's van andere molens in de provincie Utrecht.
Molen bij Spengen Molen bij Groenekan Molen bij Abcoude
Molen bij Kortrijk Molen bij Loenerveen Molen Kockengen
|